28 december 2019

De kerstpreken van 2019!

Zondag 22 december spraken onze drie Wijzen uit het Oosten, Jan Riesewijk, Linda Hilberink en Victor Bulthuis hun visie over geloof, hoop en liefde. Omlijst door prachtige muziek van Tweeduuster, Isabelle Wolff en Christian Maily. 

Heeft u de preken gemist of wilt u ze nalezen? Dat kan, lees ze hieronder:

Linda Hilberink

Armoede.

"Bij armoede is er onvoldoende geld om een bepaald consumptieniveau te realiseren dat in Nederland als minimaal noodzakelijk wordt geacht", aldus directeur-generaal Tjin-A-Tsoi van het Centraal Bureau voor Statistiek.

Armoede. We weten allemaal wat het is. Althans dat denken we.

Armoede is dat je gebrek hebt aan iets. Hoewel u daarbij waarschijnlijk het eerst denkt aan de euro’s in uw portemonnee, is er ook geestelijke armoede, ook veroorzaakt door een gebrek, iets minder concreet, dat is waar.

 Armoede is een thema dat hoog op de agenda stond toen ik twee maanden geleden voor het eerst de Enschedese stadsredactie van de Twentsche Courant Tubantia op wandelde, hier vlakbij in Roombeek. Hiervoor werkte ik als chef op de redactie in Almelo. Sinds medio oktober heb ik die plek ingeruild voor dezelfde functie, twee steden verderop.

Enschede dus. Een van de eerste keren in het ochtendoverleg kwam het ter sprake. Armoede.

Er waren plannen voor een serie over dit onderwerp. Omdat er in Enschede nogal wat speelt op dat gebied. 

Hier wonen 12 tot 17.000 gezinnen met een besteedbaar inkomen onder het niveau van een bijstanduitkering. Soms zijn dat eenouder gezinnen, soms niet, maar als ik uitga van 1,5 persoon per gezin, zijn dat meer mensen dan er nu in Borne wonen.

 Ik kreeg meteen het gevoel dat ik mijn nieuwe expertisegebied gevonden had. Met een knipoog dan wel. 

Want als inwoner van Almelo weet je doorgaans sowieso al wat armoede is. De stad bungelt niet voor niets onderaan de lijstjes van arme steden.

Almelo prijkt ook soms bovenaan ranglijsten. Maar dan gaat het juist om lijstjes van mensen met een uitkering. En ook scoort Almelo hoog als je optelt hoeveel werklozen er wonen.

Veel werklozen en veel mensen met een uitkering, dat zijn lijsten die je niet wilt aanvoeren, omdat de cijfers droevig stemmen.

Ik ontmoette in mijn woonplaats Almelo de mensen achter de cijfers van zojuist toen ik als vrijwilliger de handen uit de mouwen stak. 

Bijvoorbeeld met het verkopen van spullen op een rommelmarkt voor de voedselbank, bij het inpakken en rondbrengen van kerstpakketten voor alleenstaande jonge moeders met kleine kinderen en tijdens het helpen bij een kerstdiner voor kinderen waarvan de ouders moeite hebben de eindjes aan elkaar te knopen. 

Dat diner is trouwens nu in het stadion van Heracles in Almelo. U weet wel, die stabiele Twentse middenmoter in dc eredivisie.

 Op al die plekken zie je de mensen uit de lijstjes en word je vaak nog verdrietiger omdat je bij het wegbrengen van een kerstpakket niet alleen de ontvanger ontmoet maar ook ziet dat die persoon in een somber straatje woont en je soms bij het opengaan van de voordeur dingen tegenkomt waar je niet vrolijk van wordt.

 Ook als journalist heb ik veel over het thema armoede geschreven. Ik herinner me nog dat ik een diëtiste interviewde die droevig werd van het ongezonde eten dat in minima gezinnen vaak op tafel staat. Mijn kinderen zouden het geen ramp vinden, maar elke avond frikadellen op het menu is verre van gezond.

 Een andere reden waarom armoede op mijn radar staat, is dat het de afgelopen jaren in mijn eigen portemonnee niet altijd feest was. 

Mijn man en ik hadden een moeilijke tijd omdat hij na een aantal jaren het lef had om te stoppen met zijn zaak die niet goed liep.

Een dapper besluit waar ik nog steeds trots op ben.

Dat neemt niet weg dat het ons slapeloze nachten heeft gekost en mij wallen die voor mijn gevoel tot op mijn knieën hangen.

 Maar gelukkig hebben we inmiddels de relativering gevonden en kunnen we er weer om lachen als mijn collega’s vragen of ik hem met kerst ook een kerstpakket van Rotary breng. Het antwoord is trouwens nee.

Er zijn namelijk mensen die het vele malen moeilijker hebben. Ik heb gelukkig een baan en ik wil daarom alles behalve de suggestie wekken dat ik zielig ben.  Maar ik begrijp het wel, de strijd van mensen die het niet breed hebben omdat er een inkomen weg valt of iemand ziek wordt.

Ik begrijp het wel, Dat mensen met weinig geld de keuze moeten maken. Een nieuwe broek voor je kind of voor jezelf. Of dat je niet op vakantie gaat omdat het huis geschilderd moet worden en je al blij bent dat je de schilder kunt betalen.

Een fragment uit een van de verhalen in de krant: "Ik weet nog dat we naar het pandjeshuis gingen. Brachten we onze laptop weg. Maar die hadden we nodig. Betaalde je 10 procent extra om 'm terug te krijgen als de huurtoeslag binnen was. En de schuld die we opbouwden door rood te staan. 'We pinnen elke week 10 euro met de creditcard', bedachten we. Wist ik veel dat dat per keer 3,75 euro kost.

Einde citaat.

Het zijn deze keuzes waar de mensen voor staan die we een plek gaven in de kolommen van de krant.

Terug naar de serie verhalen over armoede. Ik dacht al dat het in Almelo drama was, daar groeit 1 op de 10 kinderen op in armoede. In Enschede is dat niet 10 procent, maar zelfs 12,7 procent.

Genoeg reden om daar voor de krant mee aan de slag te gaan. We bedachten sub thema’s, verdeelden de ideeen en begonnen. Sinds begin november brengen we per week meerdere verhalen over armoede in de stad.

Uiteraard willen we met deze verhalen laten zien wat er in een stad leeft. Dat kan in een saaie tweekolommer over uitkeringen. Of met een verhaal over een plan waarmee de gemeente armoede wil aanpakken.  

Maar in een persoonlijk verhaal brengen we het probleem echt bij de lezer thuis.

Dat is een belangrijke taak van een krant. Van mijn krant en hopelijk de uwe.

Die artikelen bieden we online trouwens gratis aan omdat we het raar vonden dat minima die deze verhalen wilden lezen op een betaalmuur stuitten op onze site. 

In de pakketten van de voedselbank stopten we gratis kranten. Want we wilden de groep waar we over schreven de verhalen niet onthouden.

Omdat het niet alleen verhalen met instellingen, deskundigen, maar bovenal verhalen met echte mensen betreft.

Een fragment:

"We zouden uit huis worden gezet en de posters met executieverkoop van de meubels zouden in de hele buurt worden opgehangen. Je schaamt je rot. Van al die stress ben ik tien jaar ouder geworden. Nog steeds, als de bel gaat, schrik ik. De post pakken: kippenvel.”

Einde citaat

Door deze verhalen zag  meteen hoe veelzijdig mijn nieuwe collega’s waren. Want stuk voor stuk leverden ze goede artikelen waar ik als journalist blij van word, maar als mens bij vlagen intens verdrietig.

Soms vrees je dat iemand op het punt staat een stuk touw te kopen.”, zei armoede deskundige Jan Veldhuizen in onze krant van afgelopen zaterdag. Confronterend. Maar begrijpelijk als je de verhalen van ons leest over dit trieste thema.

Nu denken we vaak dat het gaat om mensen die generatie op generatie in de misere zitten. Dat is zo. 

Maar het kan ook u en mij overkomen. Van mezelf heb ik al een tipje van de sluier opgelicht. Maar ook u kan het treffen.

Een citaat:

“Ik was negentien jaar toen ik samen met mijn man onze eerste lening aanvroeg. We wilden een autootje kopen en hadden niet genoeg geld. We kregen zonder moeite een krediet bij de bank, een lening op basis van onze studiefinanciering. Daarna waren het steeds kleine bedragen bij elkaar. Toen ik 22 jaar was, hadden we een schuld van 30.000 euro."

Tel daarbij op een ziek kindje, het verlies van een baan en je snapt dat dit jonge gezin uit Enschede zich meldde bij de Stadsbank. Ze krijgen nu weekgeld: 100 euro.

Voordat dit een te depressief verhaal wordt. Er komt een lichtpuntje. Het is immers bijna kerst.

Want het mooie van deze verhalen vind ik zelf dat er vaak ondanks alles toch een happy end is.

Zodat de lezer  niet depressief het weekeinde in glijdt, maar een sprankje hoop biedt op betere tijden.

Wat hebben deze verhalen mij geleerd?

Zoals ik ben opgevoed maakt geld niet gelukkig. Mijn ouders hechten niet aan designmeubels of aan merkkleding. 

Zelf ben ik een ekster die wel heel blij wordt van mooie spullen. Hoewel ik me tegelijk ook erg stom kan voelen over mijn oppervlakkige hebzucht. En me besef dat het allemaal totaal niet boeit als je later je leven overziet. Dan denk je toch terug aan sinterklaasavond vanwege de gezelligheid en niet vanwege de zak met cadeaus.

Eigenlijk hebben de mensen die in de kolommen van de krant voorbij kwamen me maar 1 ding geleerd.

En dat is dat je zelf de regie moet grijpen om er ondanks al je nare omstandigheden iets van te maken.

Want hoe erg is het dat je een maand geen broek kunt kopen. Hoe erg is het dat je een dag geen vlees kunt eten? Kook een broccoli met een courgette of andere groente in bouillon, pureer het en je hebt een heerlijke en voedzame soep. Voor weinig. Je hoeft je kinderen niet elke dag frikandellen te serveren.

Zet de tering naar de nering, als je ze zelf niet creëert krijg je nooit onbegrensde kansen.

Daarom wil ik dit verhaal positief eindigen.

 Er zijn mensen om ons heen die geen mooie kerst hebben.

Maar er zin ook lichtpuntjes, zoals bij Danny en Mariska die ik net citeerde.

Vorig jaar was de eerste kerst dat Danny en Mariska geen pakket van de Voedselbank nodig hadden. Ze hebben net het laatste pak macaroni van de voedselbank opgemaakt. Danny (31) is maandag begonnen aan een nieuwe baan. Een jaarcontract. Zijn ogen stralen. "Een jaarcontract!" Zijn vriendin moet zichzelf nog steeds even knijpen.

Dit is het lichtpuntje dat ik in aanloop naar het feest van het licht graag met u wilde delen.

Fijne feestdagen.

Meer...Minder

Victor Bulthuis

Zegenen

Het is de eerste keer dat ik door een theater ben uitgenodigd om een preek te houden. Dat roept bij mij de vraag op of ik hier vanmiddag als priester sta of als artiest? Op de website staat deze preekmiddag namelijk vermeld onder de categorie ‘Amusement’. Maar ach, misschien maakt het uiteindelijk niet zoveel uit: een artiest en een priester proberen beiden woordkunstenaar te zijn, en net als een artiest wil ook een priester zijn gehoor best een beetje amuseren, al zal hij dat misschien niet zo snel toegeven.

Toch is er één belangrijk verschil: voor een toneelvoorstelling betaal je een entreeprijs, voor een kerkdienst mag dat niet. Vanmiddag is het de eerste keer dat er voor een preek van mij entree betaald wordt. Dus sta ik hier toch als artiest? Hoe dan ook, uiteindelijk komt het aan op de woorden die ik uitspreek. En de woorden die ik ga uitspreken, wil ik wijden aan één bepaald woord, en dat is: zegenen.

Nu zie ik u denken: zegenen? Dat is toch een typisch kerkelijk woord, en ook al bevinden we ons vanmiddag in een kerk, de meesten van ons zullen niet vaak een kerkgebouw vanbinnen zien. Buiten de het kerkgebouw gebruiken we het woord ‘zegenen’ niet of nauwelijks, laat staat dat we het in praktijk brengen. Zegenen doen we in het alledaagse leven hoogstens in overdrachtelijke zin, met uitspraken als: ‘Mijn zegen heb je’ of ‘De brexit is een zegen voor Europa’ - dat laatste is maar een voorbeeld hoor, puur hypothetisch.

Maar wie wenst een ander nog ‘een gezegend Kerstfeest’ of ‘een gezegend Nieuwjaar’? Het woord Kerstmis of Kerstfeest is al verkort tot Kerst, en zelfs in die verkorte vorm is het beladen geworden, omdat niet iedereen Kerst viert en daar moet je volgens sommigen rekening mee houden, want stel je voor dat iemand erover valt. Elkaar ‘prettige feestdagen’ wensen is daarom een stuk veiliger.

         En toch zit er in dat onalledaagse woord ‘zegenen’ nog steeds een actuele boodschap. Die wil ik hier, in theatertermen gesproken, over het voetlicht brengen.

Maar misschien eerst wat voorbeelden uit mijn eigen werkzame leven. Als priester zegen je wat af. Met een zegen roep je de gunst van God af over iets of iemand.

Een bescheiden opsomming van zegeningen die ik door de jaren heen heb verricht. Ik heb kinderen gezegend, pelgrims, huwelijksparen, zieken, stervenden, mensen in geestelijke nood. Maar ook rozenkransen en andere devotionalia, monumenten, woningen. Toen ik pastoor was in Noordoost-Twente, heb ik het nieuwe stadscarillon van Ootmarsum gezegend en de gerestaureerde torenhaan van de Nicolaaskerk van Denekamp, waarbij ik in een hoogwerker een rondje om de kerk mocht maken. En de Mariakapel van Ootmarsum niet te vergeten, want als stad of dorp in Twente tel je zonder Mariakapelletje tegenwoordig niet meer mee. Auto’s heb ik gezegend, hoewel ik daar altijd bij vertelde dat die zegen geen vervanging is voor een autoverzekering, en zeker niet allrisk. Ook zegende ik ooit een stoet paarden en wagens, waarbij ik de paarden op hun achterste van wijwater moest voorzien, want als ik van voren met de wijwaterkwast op hen af kwam, schrokken ze daar zó van dat ze begonnen te steigeren. 

Zegenen gebeurt met woorden, maar ook door aanraking. Met wijwater soms, maar in de eerste plaats door handoplegging. Dat laatste doet iets met mensen: ze worden letterlijk en figuurlijk geraakt. Gezegend worden is aangeraakt worden, en hoewel aanraking vandaag de dag een uiterst delicate kwestie is waarmee je behoedzaam en integer moet omgaan, blijft het een belangrijke manier om toegang te krijgen tot iemands ziel. Wie op een liefdevolle, tedere, koesterende, beschermende manier wordt aangeraakt, gaat open en wordt daarmee kwetsbaar, en mag zich tegelijk gekend, gedragen, gekoesterd en geliefd weten.

Dat heb ik met name gemerkt tijdens de bedevaarten naar Lourdes. Tijdens de handopleggingsviering komen mensen naar voren om te worden gezegend. Zelfs mensen van wie ik het totaal niet verwachtte, begonnen te snikken op het moment dat zij twee handen op hun hoofd voelden. Maar ook op straat word je in Lourdes als priester door wildvreemde mensen aangesproken met de vraag of je hen wilt zegenen. Zo stapte eens een compleet gezin uit Afrika op me af, gevolgd door een meisje dat wanhopig probeerde de stemmen in haar hoofd tot bedaren te brengen. Het heeft mij doen beseffen hoe belangrijk het is om de waarde van onbevangen, tedere aanraking juist in deze tijden van #MeToo en seksueel misbruik te benadrukken. Zegenen is een voorbeeld van zulke gewenste intimiteit.

Maar zegenen is niet alleen een kwestie van aanraken en aangeraakt worden. Zegenen doe je zoals gezegd ook met woorden. In het Latijn zijn er meerdere werkwoorden voor zegenen, en een daarvan is benedicere. Dat betekent letterlijk: iemand goede woorden toespreken. Naar mijn mening zit ook daarin een uiterst actuele boodschap, nu we leven in een tijd waarin we op sociale media ongegeneerd los kunnen gaan als iets ons niet bevalt. We hoeven niet meer na te denken over het gewicht en het effect van onze woorden. De tijd van de handgeschreven ingezonden brief naar de krant, waar je even goed voor moest gaan zitten en die er een paar dagen over deed om door de redactie te worden ontvangen en verwerkt, die tijd ligt ver achter ons. De toetsen van onze laptop of smartphone verleiden ons er voortdurend toe onze woorden niet op een goudschaaltje te wegen, maar ze meteen in de waagschaal te gooien. Verwensingen, scheldpartijen en bedreigingen zijn aan de orde van de dag - soms zelfs in naam van God!

‘De pen is machtiger dan het zwaard’- dit verheven motto gaf denkers en schrijvers eeuwenlang een zekere trots. Maar van die trots is nog maar weinig te bespeuren, sinds het woord niet langer met beheerste hand geschreven wordt maar snel-snel wordt ingeklopt. Bovendien laten fanatieke twitteraars als Donald Trump zien dat vandaag de dag niet de pen, maar de tweet machtiger is dan het zwaard. En hoe venijniger je spreekt, hoe meer aandacht je krijgt.

De heilige Benedictus van Nursia, wiens naam letterlijk ‘de gezegende’, betekent, stelt in zijn beroemde Regel goede woorden spreken (benedicere) tegenover kwaadspreken (maledicere). Kwaadsprekerij beschouwt hij als uiterst schadelijk voor het samenleven. Paus Franciscus doet er nog een schepje bovenop. Hij zegt: ‘Kwaadsprekerij bevindt zich altijd op het terrein van de criminaliteit. Onschuldig kwaadspreken bestaat niet.’

Aanraken kunnen we met goede of kwade bedoelingen, met tederheid of met geweld, en dat geldt zeker ook voor het woord. We kunnen het elk uur van de dag in de krant of op internet lezen: woorden brengen mensen in beweging. De klimaatmarsen van Greta Thunberg en de klimaatspijbelaars, de vrijheidsdemonstraties in Hong Kong, de betogingen van Pegida en Kick Out Zwarte Piet, de oproepen tot gewapende strijd van militante of terroristische groeperingen, de stakingen van mensen in de zorg en het onderwijs, de trekkertochten van de boeren - stuk voor stuk zijn ze op gang gebracht door woorden, motto’s en leuzen. Terecht en begrijpelijk vaak, maar soms ook bedenkelijk of ronduit verwerpelijk.

De 17de-eeuwse filosoof Baruch of Benedictus de Spinoza, ook al gezegend met zo’n zegenrijke voornaam dus, was zich als geen ander bewust van de macht van het woord. In zijn tijd hadden geloof en kerk nog zoveel macht dat wat van de kansel werd geroepen, zijn onmiddellijke weerslag had op de verzamelde gemeente. Daar hoef ik vanmiddag niet op te rekenen - helaas. Spinoza signaleert dat er woorden bestaan ‘met het karakter van daden’. Woorden die met zoveel overtuigingskracht worden gesproken dat ze als het ware vanuit zichzelf tot actie dwingen. De uitwerking daarvan kan zowel positief als negatief zijn. Een voorbeeld van woorden met het karakter van een daad is de bekende oproep van de uit Oldenzaal afkomstige vakbondsbestuurder Herman Bode: ‘Willen we naar de Dam? … Dan gáán we naar de Dam!’

 Tussen woorden die met kracht worden verkondigd en woorden die tot actie dwingen zit een grijs gebied. In dat grijze gebied bevinden zich het brede scala aan bedreigingen die mensen tegenwoordig zo makkelijk uiten en dankzij de moderne media ook makkelijk kúnnen uiten, bedreigingen die grote compact hebben op het leven van mensen. Ook al wordt een doodsbedreiging niet uitgevoerd, als je er een ontvangt ga je in blinde angst allerlei maatregelen treffen om jezelf en je geliefden te beschermen. Ook al gebeurt er niets, toch ben je je leven niet zeker.

Maar gelukkig zijn ook zegeningen woorden met de kracht van daden. Niet alleen omdat woord en daad bij een zegening hand in hand gaan, maar vooral omdat een zegening iets doet met iemand die deze ontvangt en er ontvankelijk voor is.

Voor de reis wens ik je
dat de weg je tegemoet komt,
je de wind steeds in je rug hebt,
de zon je gezicht verwarmt
en regen zacht op je velden neerdaalt,
en dat God, tot wij elkaar weerzien,
jou bewaart in de palm van zijn hand.

Als iemand jou met de woorden van deze oude Ierse pelgrimszegen op weg stuurt, dan laat je dat niet koud. Mij niet tenminste, en de pelgrims die ik met deze woorden op bedevaart heb gestuurd, evenmin.

Zegenen – goede woorden spreken dus, iemand het beste wensen - is het tegenovergestelde van kwaadspreken of verwensen. Werd er in onze maatschappij maar meer gezegend, denk ik wel eens. Ik wet het: een zegen is geen toverformule. Zegenen doe ik als priester als het ware op hoop van zegen. Gods gunst kan ik niet afdwingen, ik kan er alleen maar op hopen. Maar ik geloof er heilig in dat mensen door elkaar te zegenen goed kunnen doen en God op deze manier de kans geven om zijn werk te doen in deze wereld. Met woorden en daden van liefde.

Het zou mooi zijn als er een zegenings-app bestond om elkaar op gezette tijden goede woorden te sturen. Hoewel, dan zou zegenen een automatisme worden. Nee, om goede woorden te spreken moeten ze uit onszelf komen. Goede woorden spreken is menen wat je zegt, oprecht getuigen van je betrokkenheid bij het wel en wee van de ander. Met goede woorden geven we blijk van onze medemenselijkheid.

Ik hoop dan ook dat het nieuwe jaar voor ons allen zegenrijk mag zijn, dat het ons mag lukken om onze zegeningen te tellen. Maar vooral ook dat we elkaar tot zegen zijn door in een tijd van verruwde omgangsvormen goede woorden te blijven zoeken en spreken. En daarom wens ik ons allen een gezegend Kerstfeest en een gezegend Nieuwjaar.

Amen.

Meer...Minder



Kassa: 053 – 485 85 00
Bereikbaar: ma. t/m za. 12.00 - 17.00 uur. Ook voor het annuleren van kaarten kunt u met onze kassa bellen

Cookies op de Wilminktheater website

Wilminktheater maakt gebruik van cookies om ervoor te zorgen dat u onze site optimaal kunt gebruiken. Meer informatie

Cookies accepteren
Instellingen aanpassen
De voorstelling is verwijderd uit uw favorieten
Fout bij bijwerken van uw favorieten
De voorstelling is toegevoegd aan uw favorieten.
Bekijk favorieten
Mijn favorieten
Stuur naar jezelf
Stuur naar een vriend
De vragen die zijn aangegeven met een * zijn verplicht.
Je favorieten zijn verstuurd naar 
Ophalen resultaten.....
Favorieten zijn leeg