Tombola: Tussen puin en hoop

Interview met toneelschrijver Peer Wittenbols, schrijver van Tombola, over een wijk die verdwijnt en de mensen die proberen overeind te blijven.

Gevierd toneelschrijver Peer Wittenbols (60) schreef op basis van een idee van acteur John Buijsman Tombola. Voor John schreef hij al vaker stukken (Hark en Sleg, Het Polderbeest, Het uur van het Konijn). Ook nu grijpen beiden een onderwerp aan dat ze aan het hart gaat.  

Peer, een verhaal werkt in de basis altijd vanuit een thema. Welk thema vormt de kern van Tombola?
,,Gentrificatie. Een fenomeen dat in alle kleine en middelgrote steden voorkomt. Je houdt niet tegen dat oude volkswijken door nieuwbouw en renovatie veranderen. En dan weet een rijke bevolking, expats en yuppen, de wijk te vinden. Die verbouwingen kennen een rigoureus beleid: hele straten en dus straatbeelden verdwijnen. Dat gaat met veel verdriet gepaard.

Het stuk heb ik naar aanbieding van een idee van John Buijsman, die hoofdpersoon Aad de Reuver speelt, geschreven. Het is een thema dat alle lagen van de bevolking aangaat. Kortom, iedereen heeft ermee te maken. En het is een teken van deze tijd dat we veel veranderende steden hebben. Kijk in Enschede naar Pathmos, Twekkelerveld, Roombeek, Boswinkel.”

Waarom heet het stuk dan Tombola?
,,Om drie redenen. Wat je vaak ziet in gentrificerende wijken, is dat gemeenschappelijke activiteiten als eerste wegvallen. Er is gewoonweg geen saamhorigheid meer. Een tombola is – net als een fanfare – typisch zo’n verbindende activiteit. Die is dus weg: het begin van het einde. Daarnaast is een tombola een kansspel. Het leven kan je ook zo opvatten: je moet maar geluk hebben met hoe je lot valt. Tot slot: Tombola is net als Karamba en Halleluja een heerlijke kreet. Tombola!”

De veranderende wijk is van alle tijden, zeg je. Wat zijn kenmerken van de huidige tijd?
,,Je ziet in deze tijd de functie van winkels veranderen. Door het internet wordt een flink deel overbodig, verandert van functie of moet inkrimpen. Dat heeft sterke invloed op het straatbeeld: de winkels verdwijnen, de panden staan leeg, de plint van zulke straten verpaupert. Daar moet je als gemeente wat mee. En dus kan het zomaar zijn dat je een hele wijk aan moet pakken.

Maar de wijk aanpakken met goede bedoelingen die van de bouwplannen afspatten, kan ook grondig misgaan. Neem de bouw van flats in de jaren zestig. Die hebben veel galerijen. Dan konden mensen daar hun goeie buur ontmoeten. In de praktijk bleef iedereen binnen. Mensen gedroegen zich steeds individualistischer. Onder meer door de televisie, waaraan je gekluisterd zat. Die goeie buur werd niet iets om naar uit te kijken, maar een vervelende ontmoeting. En nu, met het internet, is die goeie buur voor velen helemaal niet meer nodig: de verre vriend is gemakkelijk dichtbij.

Ook het verwijderen van mensen als Tony (het personage dat Justus van Dillen speelt: een junk)uit je straatbeeld, de andere strijder naast Aad de Reuver, draagt bij aan het vernietigen van dat straatbeeld. Daklozen, verslaafden en mensen die tussen wal en schip vallen geven ook kleur aan het straatbeeld – ook zij maken deel uit van het kleurrijke boeket dat een echte volkswijk is.

Tombola is daarom geen pamflet tegen gentrificatie. Je stopt het niet. Maar de complexiteit ervan vangen in een voorstelling kan veel doen.”

"We hopen zo dat Tombola een cadeau aan de stad is"

Wat kan de voorstelling dan precies doen?
,,Het drama van die gespletenheid verbeelden. Dat je het verhaal volgt van een oorspronkelijke bewoner en zijn verdriet voelt, kan veel herkenbaarheid oproepen. En dat kan troostrijk zijn.”

En is dat het ook?
,,Het meest concrete dat John terugkreeg na de voorstelling, is dat een vrouw zei dat ze zich helemaal identificeerde met hem. Hoe John daar vol woede en verdriet stond in zijn leeggehaalde huis, zo stond zij een jaar geleden bij de sloop van haar appartement in de binnenstad.”

Maar dan? Wat moet je dan als dat gebeurt?
,,Het is belangrijk dat Aad de Reuver zelf de sloopkogel bedient. Hoe moeilijk het ook is, hij moet over het topje van de puinhopen leren kijken om te zien welke horizon daarachter ligt.”

De musical zet dus die rouw en dat zoeken naar een uitweg tegenover elkaar. Wat biedt dat aan de bezoeker?
,,Tombola werkt net als een buurthuis: het brengt samen en brengt saamhorigheid. Het verbroedert. Dat is ook iets dat bij veel renoverende wijken verloren gaat: die organische saamhorigheid. Met goede wil en activiteiten breng je dat terug. En dus ook met een musical als Tombola, dat brengt mensen samen. We hopen zo dat Tombola een cadeau aan de stad is.”

Heb je zelf zo’n rigoureuze verandering meegemaakt?
,,Ik ben opgegroeid in een nieuwbouwwijk in Bergen op Zoom: jarenzestigwederopbouwwoningen die nu verslonsd en vol gebreken zijn. Die huizen zijn op en gaan waarschijnlijk tegen de vlakte. Er zal dus nieuwbouw komen. Dat doet mij pijn en je kijkt er met weemoed naar, maar het is ook niet anders. Je neemt daarmee afscheid van een jeugd. Van de vele jonge gezinnen van toen zijn er nu nog een paar woonachtig, en wel op hoge leeftijd. Zij zullen dus de wijk moeten verlaten. Dat zorgt voor het besef dat alles vloeibaar is.”

Hoor je die vloeibaarheid terug in de muziek?
,,Wat Keimpe de Jong doet met de muziek vind ik prachtig. Een volkswijk kent vaak een flinke diversiteit aan mensen. Zijn muziek is ook van alle windstreken. Daar schildert hij mee.”

Tot slot, waarom speelt Tombola op IJsbaan Twente?
,,We wilden heel graag een locatie die bij Twentenaren bekend is. Een fenomeen voor hen is en dus een heel herkenbaar punt. Theater op minder voor de hand liggende plekken: een specialisatie van TP (Theater Producties Twente).  Daarnaast verwachten we dat bezoekers per fiets komen en door de wijken die met gentrificatie te maken hebben naar de voorstelling rijden. En ook weer terug. Zo begint de voorstelling in feite al als je op de fiets stapt.”

 

Wachtlijst

Wensenlijst

Toegevoegd:

Ga naar wensenlijst